Heerlijk om af en toe lekker inhoudsloos te lullen. Ieder mens maakt zich er schuldig aan. Vaak met vrienden totale onzin uitkramen. Avonden lang inhoudsloos nonsens roepen onder het genot van een alcoholische versnapering. Met name mannen maken zich hier voortdurend schuldig aan. Ellenlange verhalen over “dat wijfie”. Het zijn vaak wel de meest fantastische avonden. Ook vrouwen maken zich hier vaak schuldig aan met talloze roddels en verhalen over hun leven.

Het is echter niet alleen geslacht overstijgend, maar ook leeftijd, welvaart en religie. Ouwehoeren is iets van iedereen. Een gesprek van een groep mannen van 14 jaar oud of 60 jaar oud kent hierin weinig verschil. Of je nou rijk of arm bent; zwart, wit paars of groen; christelijk, moslim, atheïst of pastafarianist; gezond of ziek bent, iedereen houdt van ouwehoeren. Het biedt ontspanning en rust, vermaak en plezier. Er komt ook een hoop goeds van ouwehoeren.

Flirten beaamt ouwehoeren. Weinig vrouwen krijgen knikkende knieën van de relativiteitstheorie van Einstein of een uiteenzetting waarom Luther toch geen stellingen op de kerkdeur had moeten timmeren. Een slap verhaal over hoe dronken je de avond daarvoor was, of hoe mooi haar shirtje is, werkt vaak een stuk beter. Veel goede zakelijke en persoonlijke dingen beginnen met ouwehoeren. Nog nooit hoorde ik dat iemand bevriend raakte met een persoon omdat hij of haar zijn problemen per direct op tafel gooide. Met bijvoorbeeld je vriend omdat je nou eenmaal alles al aan elkaar verteld hebt.

Als sociale wetenschapper gezellig met 250 man solliciteren op een plek. Niet om negatief te zijn, maar dit kan zomaar is onze toekomst zijn. Een goed cv is een mooie manier om je te onderscheiden. Maar net als jij, hebben die andere 249 sollicitanten ook al jarenlang aan hun cv gewerkt. Er zullen er altijd een paar zijn waarvan het net wat beter is. Wat uiteindelijk het belangrijkst is, is een klik met die kerel aan de andere kant van de tafel. Ook hierbij werkt het niet om al je problemen op tafel te smijten. Een slap verhaal over je voetbalkunsten op de zondagochtend, uiteraard met wat zelfspot, werkt een stuk beter.

Ondanks het normaliter inhoudsloos is, is het in mijn ogen niet zinloos. De meeste mooie dingen als vriendschappen, liefde en (zakelijke) relaties hebben zijn bestaansrecht te danken aan ouwehoeren. Volgens mij moeten we ons niet meer doodstaren op die sollicitatietrainingen, pitchcursussen en een indrukwekkend cv. Als we ons allemaal is wat minder druk gaan maken over dit soort dingen en gewoon is wat meer gaan ouwehoeren. Worden we allemaal een stuk gelukkiger van, en wellicht schoppen we het nog verder ook.

Oh trouwens, weten jullie wat mij gisteren is gebeurd. Badend in het zweet ontwaakte ik uit mijn coma gecreëerd door een ietwat royaal slaapmutsje. Deponeerde de naar bier ruikende deken van mijn ontnuchterende lichaam. Mijn lijf nam oog om oog, tand om tand erg letterlijk. Jij ruïneert mij in de avond, dan ruïneer ik jou in de ochtend.     Maar ja, ’s avonds een vent, ’s ochtends een vent. Op z’n zachts gezegd niet soepel, bewoog ik mij uit mijn bed richting mijn bureaustoel en graaide mijn badjas er vanaf. Gelukkigerwijs had ik ’s nachts al een emmer naast mijn bed gezet. Door mijn te snelle handeling vomeer ik nog even mijn maaginhoud in de desbetreffende emmer en veeg mijn mond af aan het meurende dekbed. Met half dichtgeknepen, dikke ogen, verplaatste ik mij naar de keuken. De laatste treden van de trap was er zo eentje dat je denkt dat hij gaat komen, maar dat hij toch niet komt. Half strompelend betreed ik de keuken en sta oog in oog met mijn huisgenoot die zich in eenzelfde erbarmelijke toestand bevind als ik. Voor ons beide schenk ik zwarte drap in een mok die, omdat ik student ben, door mag voor koffie. Zonder woordenwisseling gaan we op de bank zitten. We staren beide een beetje hopeloos naar onze mok. Met veel moeite, ongekend veel moeite sleep ik mijzelf naar de douche. Na het douchen trek ik mijn favoriete hemd aan, om mijn dag toch nog een kleurrijk randje te geven aan de treurloze sleur die het waarschijnlijk weer zal worden. Snel ren ik richting de bushalte want 9292 geeft mij maar een bijzonder karig minuutje. Wat meer dan logisch lijkt op een dag als deze, maar ik mis uiteraard de bus. 9292 lijkt op eerste hand een van de meest handige dingen in je studentenleventje, maar zorgt eigenlijk voor je grootste kopzorgen en stress. Zelden is de bus exact op de tijd die deze app je wilt laten geloven. Maar goed, de eerstvolgende bus staat uiteraard overvol maar ik weet mijzelf ertussen te wurmen. Vrij ongemakkelijk en met mijn neus in de oksel van de kerel die 30 centimeter groter is dan ik en naast mij staat. Persoonlijke ruimte is een term die niet voorkomt in het vocabulaire van het U-ov. Ik spring de bus uit en loop de kudde achterna de spar in. Met pijn in mijn hart leg ik drie euro neer voor een slechte wrap. Tot overmaat van ramp, drop ik m’n rap midden op straat.

Mitchell Plevier
h.t. Penningmeester