Twee keer per maand schrijven Liza Krudde en Stefan Vermeent brieven naar elkaar over hun belevingen en wat hen bezighoudt.

Lieve Liza,

Ik kan niet anders dan me volledig aansluiten bij het laatste deel van je brief. Meer mensen zouden zich moeten beseffen hoe fijn het kan zijn om te schrijven. Het hoeft nergens over te gaan, Gewoon zorgen voor nieuwe combinaties van inkt op papier. Niks meer, niks minder. Er is een groot verschil tussen gedachteloos handelen en gedachteloos schrijven. Van de eerste komt onbegrip en ruzie, van de tweede bezinning.

Het klinkt misschien wat overdreven zweverig, maar het is wel waar. Ik kan soms rare realisaties hebben op het moment dat ik aan het schrijven ben. Meestal compleet ongerelateerd aan datgene waar ik op dat moment bewust mee bezig ben, alsof het ervoor zorgt dat je onbewuste net iets beter toegankelijk wordt. Laatst merkte ik bijvoorbeeld dat mijn gedachten afdwaalden naar de masterkeuze die ik binnen niet al te lange tijd moet maken. Niet heel bijzonder – ik ben er de afgelopen tijd al vaker bewust mee bezig geweest – maar er zat vaag iets dwars. Langzaam drong het meer dan ooit eerder tot me door dat ik wel echt op een eindfase begin af te stevenen. Dit lijkt in eerste instantie wel mee te vallen, maar dan bedenk ik me dat er 200 miljoen jaar geleden al dinosauriërs rondliepen en dat onze zon over 5 biljoen jaar in een rode reus verandert (wat klinkt dat knullig in het Nederlands), en dan lijkt twee jaar ineens niet zo heel lang meer.

Als kind ga je er automatisch een beetje vanuit dat er een scherpe afscheiding is, dat je op een dag wakker wordt en alles afweet van belastingen en hoe een stoppenkast werkt en al dat soort zaken die elke volwassene lijkt te weten. Mijn realisatie bestond eruit dat ik al een tijdje wettelijk gezien volwassen ben, dat ik me over een ruime twee jaar als een fulltime volwassene moet gaan gedragen, en dat ik nog steeds maar een vaag idee heb van waar ik mee bezig ben. Het stomme is dat we allemaal wel weten dat het zo werkt, toch? Het wordt ons vaak genoeg verteld door die enkele volwassene die de moeite neemt om over zijn schouder te kijken naar de generatie achter hem, om waarschuwend iets te roepen als: “Nobody grows up, everybody just grows old”, of een gerelateerd cliché naar keuze. Mijn moeder verteld iets dergelijks al zo lang als ik me kan herinneren. Je weet het dus dondersgoed en uiteindelijk komt het dan toch als een verrassing.

Als we er even vanuit gaan dat dit voor de meeste mensen geldt, heeft dat nog een andere implicatie waar ik nooit eerder echt bij stil had gestaan. Je hele leven lang delen mensen hun kennis van de wereld met je, in de hoop dat je zo goed mogelijk in een geaccepteerde vorm gegoten kan worden. Je hebt je ouders die je de basics aanleren, je basisschooljuf die je leert hoe je de ‘s’ schrijft (om dat twee jaar later in al je baldadigheid weer volledig anders te doen), en vervolgens nog een nimmer afnemende rij met mensen die alles met je delen wat je geacht wordt om te weten. En als kind en tiener vind je het prima; het zijn volwassenen, en die weten wat ze doen.

Je voelt hem al aankomen: dat is dus niet zo! Het begint me steeds meer te dagen dat veel van die mensen waarschijnlijk niet gek veel meer wisten dan dat ik nu weet. Met andere woorden: ze moeten veel minder zeker van hun zaak zijn geweest dan ik toendertijd dacht. Ergens vind ik dat mooi. Dat je de moeite neemt om zo’n hulpeloos joch het fijne van de wereld te leren, terwijl je zelf eigenlijk maar half weet waar je mee bezig bent. Als je het zo bekijkt is sharing echt caring.

Ik ben straks klaar met studeren, en dan zal er ongetwijfeld weer een nieuw legertje aan mensen klaarstaan om me te vertellen hoe het allemaal in z’n werk gaat. Maar tegelijkertijd zal er iets op een cruciale manier anders zijn. Ik zal erachter komen dat er kennis is die me ongemerkt is bijgebleven, en ik zal mijn best doen om die kennis weer zo goed mogelijk te delen, zonder te laten merken dat ik het zelf eigenlijk ook niet echt weet. Zo houden we samen de cirkel in stand, en uiteindelijk is dat denk ik alles waar het om draait.

Liefs,

Stefan